-Paul Van Nuffel uit Siegen(niet gedateerd, gepubliceerd in “De Band” van december 1962): “Wel hier dan eindelijk weer eens wat legernieuws van een soldaatje, dat langzaam maar zeker een ancien aan ’t worden is. Want op het ogenblik ben ik te Vogelsang, de laatste daagjes van mijn laatste kamp aan ’t slijten. Dus voel ik mij hier opperbest, alhoewel ik hier zeer zware oefeningen achter de rug heb ; de bataljons-oefening, de Cie-oefening en dan als laatste en de kwaadste én gevaarlijkste : de vuurdoop waar ik nog een mooie herinnering aan heb. Ik kreeg twee kogels los door mijn gamellen, waarvoor ik op de koop toe nog vier dagen koekjes kreeg. Dus kunt u wel denken dat het hier aan sensatie niet ontbrak. Voorts is de natuur hier wondermooi, onze kazerne is hier gelegen op een hoogte van 400 à 500 meters boven de zeespiegel, waardoor wij hier een buitengewoon zicht hebben op een meer met een stuwdam, alsook op de Siegfriedlijn, waar tijdens de tweede wereldoorlog de strijd heviger woedde dan nu het geval is met onze ammunitie. Wij mogen hier dan ook niet klagen. Toch wordt het stilaan tijd dat ik nog eens met verlof kom naar het goede Leest want binnenkort is het de moeite niet meer. Ik ben nu 7 maanden binnen en heb nog maar twee maal met verlof geweest. Ik zal de laatste maanden op de pootjes moeten staan, want anders zal ik nog afzwaaien met wat verlof in mijn kitzak wat zeer jammer zou zijn. Verder weet ik niet veel te vertellen, zodat ik dan ga eindigen met de beste dank aan gans de familie Milac, voor al de mooie tijdschriften die ik regelmatig ontving. Ook de beste groeten aan de vrienden maar in ’t bijzonder aan al de lezers van het prachtige tijdschrift “De Band”.
-Paul Van Nuffel uit Siegen (niet gedateerd, in De Band van januari 1963) : “Wel hier ben ik dan nog eens met wat nieuws uit het witte Siegen. En ik ga jullie dan maar direct vertellen dat het met de legerdienst hetzelfde is als met de gezondheid : dus tamelijk goed. We hebben van de week wel een paar nachtjes moeten buiten slapen te Trup…(onleesbaar) om aan de Engelsen en Hollanders eens te laten zien wat wij Belgen zoal afweten van sneeuw en ijs te bewerken waardoor wij eveneens een lichamelijke test ondergingen. Aan koude handen en voeten ontbrak het daar niet. Gelukkig werd het bivak een dagje ingekort dan voorzien was. Ik geloof dat men dit uit vrees deed voor de dokter, want hij had zoveel werk en zweten is verboden. Dus beste vrienden wordt het voor mij ook stilaan tijd, dat ik mijn militaire schup afkuis, want het is net of mijn legertrammeke staat op mij te wachten. Ik ga dus sluiten met aan allen de beste kerst- en nieuwjaarswensen toe te sturen, alsook aan mijn lotgenoten en nakomelingen.”
-Paul Van Nuffel uit Siegen, niet gedateerd (gepubliceerd in “De Band” van februari 1963) : “Hier dan weer eens wat nieuws van een ancientje, van uit Siegen, waar de winter nog steeds zijn best doet met sneeuwen en vriezen. Met mij gaat alles nog opperbest, alhoewel het hier aan oefeningen en dergelijke legerzaken niet ontbreekt. Maandag beginnen we met onze compagnie-testen, die dan gevolgd worden door ons laatste kamp te Vogelsang. Dan als eindfase, het langverwachte afzwaaien, hierdoor zijn wij duivenmelkers geworden in plaats van kruipende rekruten. Quevrain wachten… Beste vrienden, op het ogenblik hoef ik hier niet veel meer te doen, in de dag wat scholing te geven met een halftrack, dit aan de nieuwe chauffeurs die hier van uit Turnhout aangekomen zijn. Verder nog een beetje dagpiket en dan goeie nacht op mijn twee militaire oren. Soms durf ik wel eens dromen van het goede Leest wat ik binnen 47 daagjes niet meer hoef te doen. Voorts vind ik verdere uitleg van het bataljon bevrijding overbodig, zodat ik nu ga eindigen met jullie het allerbeste toe te wensen, wat ook telt voor alle militairen en burgers van Leest.”
Paul “Polle” Van Nuffel was een figuur in Leest-Heide, zijn kracht was legendarisch. Reeds op prille leeftijd plooide hij met blote handen kepernagels en ander ijzer. Tijdens een Willebroek-kermis in de zestiger jaren trad hij in de arena met een uitdager van het in die tijd zeer populaire boks- en worstelkraam en hij kreeg prompt een contract aangeboden. Paul woont al jarenlang in de Jan Willemstraat te Blaasveld waar hij een indrukwekkende verzameling lampen stockeerde, een uit de hand gelopen hobby. Zijn zus Victoire was mogelijk nog straffer : ze trainde op de wielerbaan van Walem met o.a. Rik Van Steenbergen, werd verschillende keren Kampioene van België wielrennen en ze fietste zich in de geschiedenis door in 1958 het eerste echte Europese Kampioenschap te winnen.
Meer over Paul in deze Kronieken : 22/2/1992 (Paul met zijn verzameling lampen)
Foto’s :
-Paul Van Nuffel met één van de lampen uit zijn verzameling.
1962 – 5 mei : Soldaat Paul VAN NUFFEL, vanuit Siegen
“Hier Radio Siegen met het nieuws van een maand. Wel wat laat, maar ja beter laat dan nooit, ik had uw adres niet in mijn bezit, dus kon ik niet eerder schrijven. Maar daar ik vanmorgen uw tijdschrift heb ontvangen, heb ik er geen gras laten over groeien, heb gauw papier en potlood genomen en hier ben ik dan met wat nieuws. Ik ben nu al een maand hier in Siegen in het bataljon bevrijding. Dat bataljon is speciaal getraind om in twee uur de kazerne te ontruimen in tijd van oorlog. U kunt wel denken wat een opleiding ik hier heb. Twee, drie maal per week, in volle nacht alarm, onze volledige gevechtskledij aantrekken, bagage inladen en dan maar weer uitladen. En zo gaat dit maar altijd verder ; maar ja, na regen komt zonneschijn zegt het spreekwoord, dus nog een maand geduld. Nu ga ik mijn schrijfgerief maar terug wegbergen want seffens gaat de noodklok weer en het zou niet normaal zijn dat een Leestenaar in zijn onderbroek de vlucht nam. Maar ja ik zou u nog vergeten te bedanken voor het zeer interessante tijdschrift dat u me gezonden heeft. Nu doe ik nog de beste groeten aan al de in dienst zijnde Leestenaren.”
-Paul Van Nuffel vanuit Siegen, niet gedateerd : “Wel, hier ben ik dan met het lang uitgestelde nieuws van me van uit het zonnige Siegen. Maar ja, een soldaat heeft toch zoveel adressen om naar te schrijven, en, zoals het gewoonlijk gebeurt vergeet hij het natuurlijk. Maar vanmorgen toen ik nogmaals De Band en het Parochieblad ontving, was het net of mijn handen werden door een magneet naar mijn schrijftafel getrokken. En hier ben ik dan. Met mij gaat alles nog zeer goed. Spijtig dat het wat lang duurt voor ik in verlof mag komen. Ik ben hier nu 8 weken, en moet er nog twee doen voor dat ik de eerste maal in verlof kom. En ik vind dat toch wat lang. Ja…bij het leger doet men niet wat men wil, hier denkt een ander voor u. Laat de boeren maar dorsen, als ik hier terug uit verlof zal komen dan zijn er bijna drie maanden geklopt. En dan mag ik toch om de 6 weken naar huis, dan wordt ik terug aan het plezante Leest gewoon, dus tot binnen 14 dagen. Ik wens al de soldaten nog vele zonnige dagen en het beste voor de Milac-familie.”
-Paul Van Nuffel uit Siegen (niet gedateerd) : “Wel hier dan het zeer lang uitgestelde nieuws van een Leestenaar, die zijn dorp bijna vergeten was. Toen ik vanmorgen de verloflijst zag uithangen en ik er natuurlijk weer niet bijstond, schoot het me te binnen dat ik met verlof toch ergens naartoe moest, en toen dacht ik weer eens aan het goede Leest. Dus u kunt wel denken wat een hoop legerzorgen ik hier allemaal in mijn bolleken te steken heb. Ook in mijn beentjes begint het ook al een beetje te kruipen. Om de twee dagen een koerske lopen van 4 à 5 km, wat ik al zo graag doe is patatten jassen…met of zonder goesting werken voor uw 10 frank. En dan op de koop toe, die vervelende wacht ; ik ben nu al een maand terug uit verlof en heb nog maar eventjes vijf wachten geklopt…het leger waakt…mijn laatste wacht ben ik in slaap gevallen op de loop van mijn schietstok, en nu loop ik hier met een blauw oog. Toch voel ik me best buiten dit alles ; ik denk zo, nog acht maanden en ik ben bij ons moe. Nu doe ik nog de beste wensen aan al de medewerkers van Milac, aan de dorpsgenoten en de dienaren van den ABL. Zo eindig ik met mijn briefje aan de zon van het leger-MILAC.”
1962 – Zaterdag 5 mei : Huwelijk Chiro-leider Louis Vloebergh met B.J.B.-leidster Hilde Silverans Die dag trad Chiro-leider Louis Vloebergh in het huwelijk met B.J.B.-leidster Hilde Silverans. In “De Band” verscheen daarover volgend verslag : “Zaterdag 5 mei waren de jeugdorganisaties in feest, want zij jubelden om het geluk dat twee jeugdfiguren tegemoet gingen. Beiden zouden in den echt treden en begunstigd worden door het weertje. Tot buiten toe weerklonken de jubelliederen van de meisjes van de Landelijke Jeugd en B.J.B. bij de intrede van het jonge paar in de kerk. De huwelijksmis werd buiten de meisjes van voornoemde verenigingen ook bijgewoond door de Chirojongens met vaandels incluis. Als assistenten van de pastoor aan het altaar de huidige proost E.H. Verbist en zijn voorganger E.P. Clementiaan. Het was een eenvoudige en aangrijpende plechtigheid. Toen de twee stralende wezens de kerk langzaam verlieten als man en vrouw zagen we menig traantje wegpinken. Door de B.J.B.-leidster Mariette De Prins werd een gelegenheidstoespraak gehouden waaruit, het kon niet voldoende gezegd worden, de dank, de genegenheid naar voren kwam. Ook door een Chirojongen, een burchtknaap, werd een mooie plant aangeboden en de B.J.B.-meisjes kwamen voor de pinnen met een zeer schoon O.L.Vrouwbeeldje. En dan terwijl de orgeltonen de blijdschap ondersteunden, vertrokken onder grote belangstelling en sympathie twee gelukkige mensen. Een jongen en een meisje die het beste van hun krachten gegeven hebben, jaren lang, om de jeugd op te voeden, er wat van te maken en of ze iets bereikten ! Twee voorbeelden voor de jeugd. Louis en Hilde, dank voor wat u beiden hebt gedaan voor uw Leestse broeders en zusters, vaart veilig over de golven der bruisende zee en we wensen u beiden een “goede vaart en behouden thuiskomst”. “
In het daaropvolgende nummer van “De Band” : Chiro & Landelijke Jeugd. “Wanneer we beide titels thans bij mekaar voegen, dan krijgen we dadelijk de betekenis op rekenkundige wijze herleid tot Louis en Hilde. Zaterdag 5 mei l.l. waren de jeugdorganisaties in feest, want ook zij jubelden om het geluk dat twee jeugdfiguren tegemoet gingen. Beiden zouden in den echt treden en begunstigd worden door een weertje (op voorhand verzorgd door de jeugdige PIEN) verbeidende het grote ogenblik ingezet door de burgerlijke echtverbintenis gevolgd door de kerkelijke inzegening. Tot buiten toe weerklonken de jubelliederen door de meisjes van de Landelijke Jeugd en B.J.B.-meisjes gezongen, en bij de intrede van het jonge paar, ontvangen door Z.E.H. Pastoor en besprenkelt met wijwater met als gebed : “God besprenkele U met de dauw van zijn genade” (psalm 127) weerklonk : “Wel Zalig, die den Heer in vrede dient, en wandelt op Zijn weegen. “Moogt ge eten van het werk van Uw handen, “Welzalig gij : het ga U wel !” Antifoon / Uit Sion zegene U de Heer, alle dagen van Uw leven ! Alleluia ! De huwelijksmis werd insgelijks bijgewoond door de B.J.B.-meisjes, Landelijke Jeugd en Chirojongens met vaandels en gezangen door de meisjes. Als assistenten aan het altaar de huidige proost E.H. Verbiest en zijn voorganger E.P. Clementiaan; ook het zonnetje was van de partij, zij had haar stralen alléén voorbehouden voor het jonge paar, er was immers niets te bespeuren in de andere beuken. Het was eenvoudig en aangrijpend. We zagen menig traantje wegpinken door omstaanders, toen twee stralende wezens de kerk langzaam verlieten als man en vrouw. Door de B.J.B.-leidster Mariette De Prins werd een gelegenheidstoespraak gehouden waaruit, het kon niet voldoende gezegd worden, de dank, de genegenheid, naar voren kwam ; ook door een Chirojongen, een burchtknaap, werd een mooie plant aangeboden en de B.J.B.-meisjes kwamen voor de pinnen met een zeer schoon O.L.Vrouwbeeldje. En dan terwijl de orgeltonen de blijdschap onderstreepten vertrokken onder grote belangstelling en sympathie twee gelukkige mensen. Een jongen en een meisje die het beste van hun krachten gegeven hebben, jaren lang, om de jeugd op te voeden, er wat van te maken en of ze iets bereikten ! Twee voorbeelden voor de jeugd ; voor hen zou het geen schoner geschenk kunnen zijn mocht hun werk door de nieuwe uitverkorenen voortgezet worden. Jeugd zoekt elkaar, werkt voor elkander, is een steun voor mekaar. Hier is de jeugd samen gebleven, en zal samen blijven zolang het God moge believen. Louis en Hilde, dank voor wat u beiden hebt gedaan voor Uw broeders en zusters, vaart veilig over de golven der bruisende zee, en wij wensen U beiden een “GOEDE VAART EN BEHOUDEN THUISKOMST”.”
En ook Milac liet zich niet onbetuigd : Dankwoord
“Is het soms geen aangename plicht voor Milac een welgemeend woord van dank toe te sturen aan onze collega van het Milac-comité Louis Vloebergh, om zijn welwillende medewerking, onbaatzuchtig verleend. Dat Milac daardoor een medewerker minder heeft, is zeer spijtig, maar ook zeer aangenaam wanneer ook wij weten dat hij veel goeds heeft achtergelaten voor de jongeren. Is het eveneens jammer dat wij momenteel de zo aangename als verscheiden bijdragen voor De Band moeten missen van de leidster van de Landelijke Gilde; ook zij heeft haar sporen nagelaten en wij durven verhopen dat de opvolgster van Hilde evenzeer zal houden van de Zonnebloemen en Madeliefjes en De Band zal bedacht worden met een regelmatige bijdrage. Dat nu verder hun jeugd ontluiken mag; Milac wenst hen beiden veel voorspoed en geluk !” (DB, nr.5)
Louis en Hilde stuurden de redactie van De Band een mooie zichtkaart uit Salzburg-Festspielstadt.
Foto’s :
-Twee foto’s van de huwelijksplechtigheid.
-Een dankwoord van het jonge paar.
-Louis en Hilde in 2012 tijdens hun gouden huwelijksjubileum.