Inhoud blog
  • Abdij Ter Duinen (Duynen) Koksijde en Abdij Ter Doest Lissewege
  • Lissewege 2
  • Gidsen, reisgidsen, internet in Peru
  • Jezus met een rok in Peru
  • Peru: een totaal indruk
  • Natuurgebieden aan de kust
  • Onder de dekens in de Antwerpse Kempen
  • Dopen vroeger en nu
  • Landschap van Kerken. 10 eeuwen bouwen in Vlaanderen.
  • Heilige (zalige) Sint-Idesbald - Koksijde - Duinenabdij
  • De Moeren - Les Moëres.
  • Noormannen - Vikingen
  • t Is wonder hoe de Brugse stad... Guido Gezelle
  • Verkiezingen vroeger en nu - Fonteynelied, een Westvlaams verkiezingslied 19de eeuw
  • Wereldgodsdiensten, identiteit en samenleven
  • 2010 Ruhrgebied: Culturele hoofdstad van Europa
  • Hildegard van Bingen - Eibingen - Rüdesheim am Rhein
  • De kathedralen kan ik niet uit elkaar houden!
  • Warmwaterkruik en pittenkussentje
  • Sharm el-Sheikh 1 - Egypte - Rode Zee - koralen
  • Taai ongerief (vervolg): vergrootglas op handvat van de winkelkar
  • Kleefetiketten op fruit en ander taai ongerief
  • Intimiteit en seksualiteit bij ouderen.
  • Kaarsje branden - Cees Nootebeem
  • Toerisme, erfgoed in Brussel en Wallonië
  • RAVel: langzaam verkeer
  • De Grote Routepaden GR in Brussel en Wallonië
  • De Mooiste Dorpjes van Wallonië
  • Poitiers
  • La Romieu - werelderfgoed
  • Conques: een ommetje maar de moeite waard
  • Condom: kathedraal en klooster
  • Cahors: wijn, katedraal
  • Vlak aan de Beligsche grens: Bavay en Pont sur Sambre
  • Masai-MBTschoenen (Kenia) en bij ons.
  • Masai (Kenia) vuur maken ... en bij ons
  • 2010 Speciale dagen in België - schoolvakanties
  • 2010 Speciale dagen in België - schoolvakanties in het Vlaamse Gewest
  • Waha: oude kerk en nieuwe glasramen van Folon
  • Spirituele plekken en toeristische trekpleisters - relitoerisme
  • Zalig worden terwijl je surft
  • Afbeeldingen - reconstructies: Vauban, Viollet-le-Duc
  • 1970 1975 Achterom kijken
  • Huishoudapparaten, keukengerei en keukenkastjesdochters
  • Saint-Cirq-Lapopie
  • Kruisweg bij zusters op rust
  • Aardpeer - St Fougeot - Autun
  • Rummikub : gezellig en stimulerend
  • Cadzand-Bad Sluis
  • Achterom kijken 1965 - 1970
  • Achterom kijken 1960 - 1964
  • Achterom kijken 1956 - 1960
  • Achterom kijken 1950 - 1955
  • Ouderen: horen, zien en niet zwijgen
  • Rijsel - Wandeling 1
  • Rijsel - Wandeling 2
  • Egypte - scarabee of mestkever
  • Egypte
  • Jack London - VS - Californië - Sonoma Valley
  • Broodjeaapverhaal - stadslegende en sneeuw bij Eskimo's
    Actieve senioren
    Leren, fun en fit
    30-07-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.WZC - RVT en Wellness
    Ik kan de nieuwe afkorting WZC (Woon- en Zorgcentrum) moeilijk uit mijn mond krijgen. RVT (Rust- en Verzorgingstehuis) was gemakkelijker. Komt dit omdat WZC doet denken aan WTC (World Trade Center, je weel wel van nine eleven 11 september 2001, War on Terror), misschien omdat WZC klinkt als WC? Achter de naamsverandering zit wel een bedoeling. Niet zozeer de nadruk leggen op rust, dit klinkt te negatief en te passief (hoewel rusten mag, kan en moet). Positiever is te spreken van wonen en zorgen. Wonen: je hebt het daarom liefst niet over het aantal ‘bedden’ in een WZC of in een RVT wel over woongelegenheden. Zorg: klinkt beter en algemener dan verzorging die ongewild verwijst naar lichamelijke verzorging (fysiek, hygiëne). Oog, handen en hart hebben voor de zorg van de 'hele' persoon staat centraal. Deze ‘holistische’ benadering is bijzonder belangrijk. Dat heeft te maken met de hogere instapleeftijd. Vijfentwintig jaar geleden bedroeg die 75 jaar. Nu is dat opgelopen tot 85 jaar.  Er zijn (lange) wachtlijsten en er wordt gekeken (geselecteerd klinkt hier nogal scherp…) naar zorgbehoevendheid, woonplaats, leefomstandigheden. Gemiddeld: onder de 85 jaar raak je moeilijk binnen. Je komt in vergelijking met vroeger (1985: 75 jaar) in een WZC wonen als je ouder (85 jaar) bent en met meer zorgbehoeften. Door de ‘rekbaarheid’ van mantelzorg komt men ook later in een WZC.
    Op de vraag is de verblijfsduur in een WZC korter of langer geworden? Hier zijn de meningen verdeeld. Sommigen zeggen ongeveer even lang (3,5 j.), anderen zeggen korter: rond de 2 jaar en 8 md. en minder. Het gaat hier altijd over gemiddelden en de registratie is niet uniform en recent. Vrouwen en personen met geestelijke gezondheidsproblemen blijven langer.
    De zorg vandaag de dag is uitgebreider. Het personeelsprobleem stelt zich met de dag scherper. We zullen creatiever moeten zijn om beroepskrachten en vrijwilligers aan te trekken. Bij de beroepskrachten meer kijken naar elders en eerdere verworven competenties en kwalificaties, naar meer diversiteit; bij vrijwilligers: meer activiteiten laten doen en meer diversiteit. Intern zijn er zaken aan het veranderen: meer aandacht voor de beslissingen rond het levenseinde met discussies over het levenstestament, euthanasieverklaring, palliatieve zorgen, palliatieve sedatie enz.
    Dit vraagt intens overleg met de ouderen, de familie, de huisarts, het zorgpersoneel. Het maakt de zaken niet eenvoudiger.

    Interessant zijn de verschuivingen in activiteiten en invalshoeken. Men verplicht minder mee te doen aan allerhande animatieve activiteiten zoals knutselen, boetseren, quizzen, zingen, bingo. Men biedt wel het aanbod. Men probeert vlugger te differentiëren. Zij die houden van comfort, relax krijgen omgevingen die meer lijken op een aangepaste ‘wellness’ met aangepaste muziek, massage, geuren, relaxatiebaden, pedicure en manicure, een bezoek aan de kapper. Vrouwen zeggen steevast dat een ‘schone’ kop voor hen belangrijker is dan een ‘schoon’ kleed. En mannen vragen ook meer en meer een kapper. Met een hoofdmassage en ‘fricton’
    De ouderen genieten van deze microkosmos. In WZC zit ook de W van wellness.

    30-07-2008 om 16:17 geschreven door siti4 - georges de corte


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hamme - Durme en Schelde
    We zochten naar een wandeling tussen de 20 en 30 km. niet te ver van Antwerpen. We vonden een wandeling in Hamme en de omgeving tussen Durme en Schelde. Dit is het landschap van de Mirabrug over de Durme en van de "Mensen achter de dijk" (1949), beschreven door  Filip De Pillecyn.
    De Mirabrug  ligt op de grens van de gemeenten Hamme en Waasmunster. Ze werd gebouwd tussen 1896-1900. Ze kreeg haar nieuwe naam en bekendheid dankzij de speelfilm Mira (1971) naar het boek De teleurgang van de Waterhoek (Stijn Streuvels). De brug werd in 1991 beschermd als monument en in 2002 gerestaureerd; enkel toegankelijk voor fietsers en voetgangers.

    Hamme en omgeving staan bekend voor groen, water, wandel- en fietsroutes, veerdiensten, gastronomie en terrasjes. Den Bunt vormt de kern van deze wandeling en is een natuurgebied met een merkwaardige flora, ontstaan uit de talrijke overstromingen van de Durme en uit de ontgonnen turfputten. In het gehucht Driegoten (Drie Goten) komen Durme en Schelde samen. Je vindt er een viertal tavernes en restaurants: zoals Scheldeoord (vlak aan de Schelde), de Drie Goten (tavernekeuken, dakterras; ruime parking), gastronomisch restaurant De Plezante Hof (schitterend).  Het fietsnetwerk Scheldeland is sinds de zomer 2008 in gebruik. De fietsennetwerken zijn razend populair geworden en werken sterk drempelverlagend voor het recreatief fietsen.

    Geregeld krijg je een uitzicht op de Durme, de Schelde en de omringende natuur. We kozen voor een deel van De Pillecijnroute. Het eerste deel eindigt aan het monument van een van mijn favoriete auteurs Filip De Pillecyn (1891- 1982), beeldhouwer A. Poels maakte De Veerman en de Jonkvrouw.(verscheen in 1950.
    Aan de boorden zie je geregeld bootjes op en neer varen; ook grote plezierboten (Jan Plezier) en natuurlijk de veerdiensten die meestal om het uur en halfuur op vraag komen. Je kunt je voorbereiden via de toeristische diensten die brochures hebben en websites. Op de eerste plaats die van de provincie Oost-Vlaanderen www.tov.be
    Er zijn vijf toeristische regio’s: Scheldeland (Dendermonde, Aalst, Hamme www.scheldeland.be, Meetjesland (Eeklo), Waasland (Sint-Niklaas), Gent (kunststad), Leiestreek (Deinze), de Vlaamse Ardennen (Oudenaarde, Ronse, Geraardsbergen). De Leiestreek en Scheldeland zijn provincieoverschrijdend. De Leiestreek naar West-Vlaanderen toe met Kortrijk en Wervik en Scheldeland naar de provincie Antwerpen.

    Tip
    1 Stap een infokantoor binnen en neem enkele brochures mee. Vergeet zeker niet Wegwijs in Oost-Vlaanderen. Prima als eerste oriëntatie voor routes om te wandelen, te fietsen, autorijden en paardrijden. van de verschillende gemeenten aan Durme en Schelde. We vonden 10 jaar zomeren in de Rupelstreek met de zomerpocket 2008 van de Toerisme Rupelstreek goed geslaagd.
    2 Filip De Pilicijn: ga naar  http://users.telenet.be/louis.jacobs/Depillecyn.htm en loop dan de bibliotheek binnen.

    30-07-2008 om 14:43 geschreven door siti4 - georges de corte


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Fietsen: leed, stress en lust
    Heerlijk: fietsen op een aparte route liefst in een fietsennetwerk met een kaart bij de hand en voldoende infoborden langs de weg. Het is minder leuk als het weer niet mee zit. In het beste geval heb je een paraplu bij of een regenjasje. Je kunt ook schuilen: maar hoe lang is dan de vraag. Als je een platte band krijgt, heb je (heb ik...) een probleem. Sommige fietstoeristen zijn handig en kunnen dat herstellen. Ze zeggen dat het vaak ook voor hen moeilijk is, zeker met elektrische fietsen of als je het gaatje niet direct vindt. Vooraf thuis oefenen is de boodschap. Wat doe je als je met een huurfiets een lekke band hebt in een zalige, maar o zo eenzame omgeving? Je hebt geen EHBPB: eerste hulp bij platte band. Je kunt ook niet bellen naar een depannage, al zou dit wel handig zijn, bijvoorbeeld met een netwerk van jobstudenten. Lekke band: eerst controleer je of pompen soelaas brengt. Meestal niet. Dan vraag je je af hoever je nog bent van de vertrekplaats. Dat kan aardig ver zijn, zeker met een fiets in de hand. Op rustige fietsroutes kom je meestal geen wagens tegen die je en je fiets willen meenemen. Je moet wat geluk hebben en lef door bijvoorbeeld beroep te doen op andere fietsers.

    Kleine stress: je fiets stallen. Ik las dat je gemiddeld een kans of vijf hebt dat het ringslot van je achterwiel op een naaf zit. (Ik bespaar mezelf en de lezer de wiskundige berekening). Even vervelend is het tekort aan ruimte. De trappergroep is gemiddeld 37 cm. breed en de rekken dikwijls maar 30 cm. Wringen dus. Er is een zeker soelaas met de hoog - laag parkeergleuven. Vervelender is dat de sturen, gemiddeld 54 cm (tussen 47 en 62 cm.) in elkaar haken. Met de brede sturen is dit zeker het geval. Een oplossing: bredere parkeergleuven, maar dan heb je meer ruimte nodig. In de nabijheid van stations is er het probleem van de langparkeerders: fietsen die geen eigenaar/gebruiker hebben en meestal al voor een deel kapot zijn. Meer controle en opsporen en dat laatste niet enkel met graveren; opnieuw fietsplaatjes?

    Andere kleine stress: ik moet mijn fiets oppompen en ik vind de juiste pomp niet. Ik merk dat mijn fietslicht niet werkt (de boetes zijn niet mals); iemand heeft het de zadel hoger gezet en ik weet niet hoe dit te veranderen; ik vind de gepaste inbussleutel niet. Allemaal kleine ongemakken die echter niet opwegen tegen de luxe om te kunnen fietsen. Je hebt minder parkeerproblemen, het is gezonder en al die stressverlagers (ontspannend, gezond) geven compensatie voor de stressverhogers (regen, stallen, fietslicht). Maar niet op het ogenblik dat je een platte band hebt.

    Toemaatje voor nieuwsgierigen en quizfanaten: Inbussleutels zijn meestal zeshoekige staafjes in L vorm van 1 tot 10 mm. Quiz: in 1916 gepatenteerd met de beginletters van ‘Innensechskantschraube Bauer und Schaurte’. (dus niet 'imbus' ). Bij IKEA wordt soms een inbussleutel geleverd. De zelfbouwer die zijn eerste stappen zet, heeft wel hamer en schroevendraaiers, maar geen inbussleutels. Of ze zijn zoek of juist die inbussleutel die past, is weg.

    30-07-2008 om 09:58 geschreven door siti4 - georges de corte


    29-07-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Windmolens
    De soms verhitte discussies over duurzame energie en de gevaren van kernenergie wakkeren de discussies aan over de zin en de onzin van de grote, moderne windmolens op zee en op land. Vroeger waren de windmolens een vertrouwd beeld in het landschap. Vlaanderen was de koploper in aantal molens en in de technische uitwerking (houtsoorten, constructie, bediening en veiligheid). Nederland kwam daarna vlug opzetten. Over het belang van deze windmolens zullen we het hier niet hebben. We hebben over de grote, moderne windmolens die meestal in groepen (windparken) langs de wegen staan, op een winderig plateau en in de zee. Deze windmolens worden gesubsidieerd door de overheid in het kader van duurzame energie, naast zonne-energie en duurzame biomassa.
    Er is volop discussie aan de gang of investeren in deze windmolens niet te hoog en wel verantwoord is. De kosten van fossiele energie en de kernenergie stijgen. In deze discussie komt de vraag welke kost men moet meerekenen. Sommige deskundigen beweren als men alle maatschappelijke kosten en baten van de gas- en de kolenstroom berekend, de windenergie goedkoper is (Energieonderzoek Centrum Nederland). Info met pro’s en contra’s vond ik in een artikelenserie van NRC (feb. 2008).
    Tegen windmolens: ze zijn lelijk, duur en leveren uiteindelijk niets op. Windmolens geven wel hernieuwbare en onuitputtelijke energie, maar geen duurzame energie. De fluctuaties van de windenergie moeten opgevangen worden door ‘vraagvolgende stromen’, bijvoorbeeld gasturbines. Vandaar de vraag: Waarom zoveel subsidie steken in een onbetrouwbare en nooit rendabele energievorm?
    Voor windmolens: windenergie is noodzakelijk, schoon en naast energiebesparing de goedkoopste manier om de uitstoot van de broeikasgassen te verminderen. De windmolens zijn nu groter geworden, dus zijn er minder windmolens nodig. Ze dienen geplaatst te worden in zones met een minimale aantasting van het landschap. Het overschot aan windenergie kan opgeslagen worden in stuwmeren en door een Europees netwerk van windmolenparken aan te leggen, kan men fluctuaties beter opvangen. Bij de voor- en tegenstanders wordt gewezen op de onderliggende wetenschappelijke argumenten. Dit maakt de discussie boeiender en moeilijker.
    De burgers en de bedrijven moeten zeker hier hun zeg hebben, want ze zijn de ervaringsdeskundigen. Ze zien de windmolens, ze betalen mee voor de subsidies, ze zijn bekommerd om de opwarming van de aarde, ze betalen de energiefactuur.
    We zullen een spreiding moeten doen van onze energievoorzieningen in binnen- en buitenland en van de soort energie. Daarenboven moeten we werk maken van duurzame energie. Bovenal moeten bedrijven en gezinnen minder energie verbruiken in productie, vervoer, ontspanning enz. Die aanpak is concreet, energie- en kostenbesparend. Dit dienen we plaatselijk te bekijken met voldoende aandacht voor de globale problematiek in de wereld, ook in de ontwikkelingsgebieden.

    29-07-2008 om 10:44 geschreven door siti4 - georges de corte


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Mira brug in Hamme en speelfilm Mira (1971)
    De speelfilm Mira (1971)deed stof opwaaien. Mira is tevens de brug in Hamme die verwijst naar de brug van Avelgem die Streuvels voor ogen had in zijn boek De teleurgang van de waterhoek(1905). De huidige Mirabrug verbindt Hamme met Tielrode/Sombeke. Mira was de eerste Vlaamse kleurenfilm en was de doorbraak van de Nederlandse actrice Willeke Van Ammelrooy (de naaktscènes zitten in het collectieve geheugen) en Jan Decleir.
    Mira is tevens de eerste Vlaamse film die op DVD werd uitgebracht in de reeks Kroniek van de Vlaamse Film, een samenwerking tussen de Vlaamse Gemeenschap en het Koninklijk Belgisch Filmarchief. Deze film haalde veel bezoekers en zit de middenmoot van de top tien.
    Mira gaat over de commotie in een Vlaamse plattelandsgemeenschap omdat de overheid een brug zal bouwen. Men is daar niet gelukkig mee, men vreest overlast. Er is een moord op de landmeter en zijn collega.
    Mira jaagt de hoofden op hol. Willeke - Mira symboliseert de vrouw die zich emancipeert. Haar medespeler was een toen bijna onbekende Jan Decleir. Nu treedt hij op in nagenoeg elke Vlaamse film.

    Men vertelde ons dat de historische Mira-Durmebrug vaak het decor is voor fotoreportages van huwelijken en communies. Vele wandel- en fietstoeristen blijven er even uitrusten om te kijken naar de Durme en naar het landschap. Zij denken misschien terug aan de film met Willeke en Jan en wie weet komt ook Stijn Streuvels in beeld.
    Wij begrijpen niet goed dat voor deze talrijke dagjestoeristen niet meer info aan de brug te vinden is over de film, de acteurs, regisseur, de scenarioschrijver, Streuvels.
    De Mira-brug als beschermd monument verdient dat beslist en ook de bezoekers. Een monument moet verder leven in de herinneringen van de mensen, maar men moet wel een duwtje geven.

    29-07-2008 om 00:00 geschreven door siti4 - georges de corte


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hamme en Fata Morgana
    Op vrijdag 25 juli 2008 begonnen we met Den Bunt wandelroute (7,5 km) die start aan de Mirabrug in Hamme. Het was eventjes zoeken om een parkeerplaats te vinden. In het centrum was op verschillende plaatsen een parkeerverbod. We zagen er ook een berghut. Toen viel onze euro. We hadden gehoord dat er in Hamme opnamen waren voor Fata Morgana voor een VRT – uitzending op zondag 27 juli 2008 met als thema een Zwitsers bergdorpje.
    We hebben gekeken naar het eindresultaat. Die wandeling was de aanleiding om wat na te de denken over zulke ontspanningsprogramma’s.
    Men bouwt een spanning op bij deelnemers en kijkers: Zal het lukken? Als kijker verwacht je dat alles goed zou aflopen. Het verloop, de anekdotes, het op gang brengen, het dynamiseren van mensen: dat is de charme van dit soort uitzendingen.
    De vijf opdrachten in dit programma zijn gelukt. Hamme kreeg de vijf sterren. Ze bouwden een berghut. Er defileerden 250 billenkletsers in lederhosen (er waren er 361). We hoorden 200 mensen (er waren er 393) minstens drie minuten aan een stuk jodelen. Hamme maakte een rodelbaan (glijbaan met slede) van 100 meter (122 m. lang) en als afsluiter: 500 blonde Heidi’s (626) die het publiek trakteerden op Kaiserschmarren (pannenkoek met rozijnen). We bekeken nieuwsgierig uit naar de uitzending omdat het over Hamme en de Hammenaars ging. Ons eindoordeel: we hebben ons geamuseerd. We denken dat het voorbereiden, het uitzenden, het nagenieten prima is om een “wij – gevoel” te activeren. Er is spanning, een lach, een traan en een grote diversiteit aan activiteiten bij spelers en publiek. Herkenbaar en voorspelbaar.
    Een pluspunt is dat de spelers niet de pineuten zijn die vallen, mislukken, misleid worden, te kijk worden gesteld of bij de neus worden genomen. Geen geregisseerd leedvermaak. Dit kan wel even als de situaties en de plot in de sfeer liggen van de ‘farce’ (de scherts, de mop) met situaties die sterk uitvergroot zijn en gaan over het gewone leven en de actualiteit.
     
    Na de uitzending hebben we zitten nagenieten met vrijblijvende discussies zoals:
    Hoe kwamen ze aan de materialen?
    Wat is de inbreng van de professionals en van de vrijwilligers?
    Wat met de sponsors?
    Wat is gespeeld en wat is echt?
    Geldt hier ook: de beste improvisatie is de voorbereide?

    De juiste antwoorden zouden we niet vinden, maar op een zomeravond met een drankje en een knabbeltje daarover keuvelen is best charmant en ontspannen. Sommigen van ons hebben gejodeld en op de billen gekletst. Van nawerking gesproken. Tevens haalden we herinneringen op aan bergvakanties in Zwitserland en Oostenrijk.

    Toen ik dit schreef, heb ik wat gegoocheld. Ik kwam op een getuigenis van de 58-jarige Robert die verantwoordelijk was voor de 250 billenkletsers: “De voorbije week van Fata Morgana was niet te doen. Op het éne moment zit je er qua energie compleet door. Op het andere moment moet je oplossingen zoeken voor problemen, die zich voordoen. En dat is tot op het laatste moment zo. Tot dan moet je de confrontatie aangaan met zaken, waarvan je zegt: Oei, die gaan we niet meer halen. De tranen stonden in mijn ogen, wanneer die fanfare er aan kwam. Daarachter stonden de 360 billenkletsers. Ach, ik wist niet wat ik zag. Dit programma bewijst dat een groep mensen samen nog iets kan teweeg brengen.”
    Wat later las ik dat Fata Morgana goed blijft scoren als feelgoodpgramma. Terecht.

    29-07-2008 om 00:00 geschreven door siti4 - georges de corte


    28-07-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Films Tweede Wereloorlog
    Toen ik in Arnhem bezocht met als achtergrond de Tweede Wereldoorlog, dacht ik geregeld aan de film A Bridge Too Far (1977). Van de vele films over de Tweede Wereldoorlog zijn mij vooral De Langste Dag bijgebleven met de landing van de geallieerden in Normandië en ‘Een brug te ver -’ A Bridge Too Far, over de mislukte landing van Engelse en Poolse troepen in  Arnhem.
    Zo begon ik mij af te vragen welke films van WO II nog min of meer in mijn geheugen zijn blijven hangen. Met steun van internet heb ik een lijstje gemaakt van twintig oorlogsfilms. Sommige waren louter ontspannend, andere waren een mengeling van documentaire, spanning en ontspanning.
    A Bridge Too Far (1977) - Das Boot (1981) - Der Untergang (2004) - Patton (1970) - Pearl Harbor (2001) - Sands of Iwo Jima (1948) - Saving Private Ryan (1998) - Schindler's List (1993) - Soldaat van Oranje (1977) - Stalingrad (1993) - The Battle of Britain (1969) - The Battle of the Bulge (1965) - The Bridge on the River Kwai (1957) The Bunker (2001) - The Dirty Dozen (1967) - The Guns of Navarone (1961) - The Longest Day (D-Day) (1962) - The pianist (2002) - The Thin Red Line (1998) - Tora Tora Tora (1970). 

    28-07-2008 om 15:46 geschreven door siti4 - georges de corte


    24-07-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Kröller - Müller (Hoge Veluwe) en Middelheim (Antwerpen)
    “Kröller-Müller" is een museum voor moderne kunst, gelegen in het Nationaal Park De Hoge Veluwe (Otterlo - Gelderland). Hélène Kröller-Müller werd geadviseerd door de kunsthistoricus Bremmer. Het oudere deel van het museum is ontworpen door de Belgische architect Henry Van de Velde. Het is in 1938 geopend en werd in 1961 uitgebreid met een beeldentuin. Er is een aanzienlijke collectie van Vincent van Gogh; andere blikvangers: Lucas Cranach, Georges Seurat; Jan Toorop; Pablo Picasso, Fernand Léger; Piet Mondriaan; Theo van Doesburg; Charley Toorop; James Ensor. Heel wat kunstwerken werden geschonken.
    Het Beeldenpark van het Kröller-Müller Museum is gelegen in het Nationaal Park De Hoge Veluwe in Otterlo en is met zijn 25 hectare een van de grootste en bekendste beeldenparken van Europa. Beeldenparken tref je over de wereld aan (zie lijst op Wikipedia). Het beeldenpark in Otterlo werd in 1961 geopend en bevat een beeldentuin, een beeldenpark en een beeldenbos in een landschappelijke tentoonstellingsruimte van ruim 25 hectare. Er is figuratief en abstract werk van de twintigste eeuw. Op de officiële website van het museum vind je een fotogalerij van de beeldencollectie (Umberto Mastroianni - Henry Moore - Constant Permeke...). Er zijn twee expositiepaviljoens, het Aldo van Eyck-paviljoen en het Rietveld-paviljoen.
    Als Belg associeer je dit met het beeldenpark Middelheim (Antwerpen) dat ontstond door de stuwende kracht van de Antwerpse Burgemeester Lode Craeybeckx. Bekende beelden: Lode Craeybeckx door Vic Gentils; het Zotte Geweld van Rik Wouters, Henri Moore’s Koning en Koningin ; Constantin Meunier, Oscar Jespers en Marc Macken, Rodin, Bourdelle en Maillol en "eindeloze kronkel" van de Zwitser Max Bill. Achteraan in Middelheimpark is het paviljoen van Renaat Braem met losse beeldhouwwerken.
    Voor huwelijken en feesten van communie en lentefeesten worden hier vaak foto's genomen voor reportages en aandenken.

    24-07-2008 om 11:19 geschreven door siti4 - georges de corte


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Natie - staat - volk
    Natie - staat - volk
    Op de Nationale Feestdag (21 juli) kunnen wij het Parlement te Brussel vrij bezoeken. Dat kan ook op andere dagen na uitnodiging. Op zo'n bezoek kocht ik het boekje Het Paleis der Natie. Ik vond die omschrijving wat verwarrend, het Parlement met Kamer en Senaat was voor mij veel duidelijker. Kamer en Senaat kon je immers apart bezoeken en onze parlementaire vertegenwoordigers waren Kamerleden of Senatoren. In aparte vakjes zoals lepels bij de lepels en vorken bij de vorken. Daarin kwam duidelijk naar voor dat in het Parlement, de vertegenwoordigers van het volk Kamerleden of Senatoren werken, van gedachten wisselen, wetten maken en toezicht uitoefenen op de regering.
    Wat natie is, is gemakkelijker te vinden via het afgeleide woord: nationaliteit. Wij hebben de Belgische nationaliteit. Dat staat op onze officiële papieren zoals identiteitskaart, reispas. Natie hangt samen met 'onderdanen' - mensen dus, volk en met een grondgebied, een territorium. In het buitenland zijn we en voelen we ons Belg.
    Bij een natie gaat het over een volk in politieke structuren. In de grondwet van België staat dat alle macht uitgaat van de natie (artikel 33). Hier is natie geen synoniem voor het volk maar van een " staatsdragende elite", die in het parlement zetelt in het paleis der natie. Als natie en staat hetzelfde zijn, spreken we van een natiestaat. Je moet er niet van wakker liggen. Ook niet van de staatshervorming die op til is. Als ze maar ten goede komt van het volk. Daarover moet het parlement stemmen, al zullen in de voorbereiding ook andere parlementen van Vlaanderen, Brussel, Wallonië, Duitse Gemeenschap mee zoeken en discussiëren. Hebben we het binnenkort over deelstaten? Wie weet? Taal volgt de werkelijkheid en geeft en zin aan. Woorden geven betekenis aan de werkelijkheid.

    24-07-2008 om 00:00 geschreven door siti4 - georges de corte


    23-07-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Migratie en mijnwerkers
    Migratie en mijnwerkers
    Om aan kinderen uit te leggen wat migratie is, is het goed te verwijzen naar de actualiteit Ze kennen de personen zonder papieren. In vele gevallen zijn het politieke maar vooral economische vluchtelingen. Ze ontvluchten de armoede uit hun land. Ze betalen geld aan tussenpersonen en moeten dan hun plan trekken. Voor velen is Engeland een interessante plek, al blijven heel wat steken in België. Ze weten van geen hout pijlen te maken. De drijfveer van grootscheepse migratie is dus armoede. De emigratie is geen nieuw verschijnsel. Onze verre, verre voorouders waren vaak op zoek naar betere gronden om een nieuw bestaan op te bouwen of om werk te vinden.
    Verwijzen naar de eigen omgeving ligt voor de hand. In Vlaanderen vertrokken tussen 1845 en 1960 honderdduizenden mensen, in de eerste plaats naar Wallonië om te gaan werken in fabrieken en de mijnen. Zij die het verderop gingen zoeken, vertrokken naar Canada, de VS, Frankrijk om te werken op het land of in de fabrieken. Sommige Vlaamse arbeiders trokken elke dag op en neer met speciale werkmanstreinen (‘beestenwagens’) naar Wallonië. Anderen logeerden in zeer armoedige omstandigheden.
    Toen in het begin van de vorige eeuw (1902) steenkool ontdekt werd in Limburg, begon hier ook de migratie op gang te komen.
    Voor jongeren is steenkool aanvankelijk vreemd. Ze zien thuis geen kachels met kolen, geen kolenemmer, geen kolenkelder. Door de film, documentaires weten ze wel iets af van de mijnontginning. Het is goed dat dit deel van onze Belgische geschiedenis in het collectieve geheugen opgeslagen is. Dat maakt het volgen van historische overzichten makkelijker en zinvoller. Zoals de vreselijke mijnramp in Marcinelle in 1956; 262 mijnwerkers komen om het leven.
    Iets vertellen over het ontstaan van steenkool is aangewezen. Plantenresten onder hoge druk en warmte zullen na heel wat tijd omgevormd worden eerst tot veen, dan bruinkool, later steenkool, antraciet en grafiet (potloden). Sinds de Romeinen zocht men naar steenkool.
    In de Limburgse mijnstreek zijn er sites (Genk, Winterslag, Eisen…) genoeg om met kinderen op een interactieve manier steenkool en de mijnwerkers te ontdekken. Geregelde uitleg en levensechte anekdotes zijn altijd meegenomen. De stoflongziekte bij mijnwerkers komt door de lange blootstelling aan kolengruis. Het stof dat de longen ingaat wordt door het lichaam niet vernietigd of verwijderd. Het blijft er zitten, je krijgt kortademigheid en dit kan leiden tot hartfalen. Vergelijk dit met de gevolgen van hardnekkig roken.
    Mijnwerkers namen een kanarie mee bij het afdalen. Een kanarie is veel gevoeliger voor het levensgevaarlijke mijngas (vergiftigingen en ontploffingen) dan de mens. Bij een kleine hoeveelheid mijngas zal de kanarie overlijden. Vluchten en verwittigen is dan de boodschap. Ga zeker naar een mijnmuseum en naar een tuinwijk waar de grote en de kleine bazen woonden, afgescheiden van de mijnwerkers. Voor die tijd waren de sociale voorzieningen en de woonomstandigheden voor de ‘kompels’ en hun gezinnen wel beter dan elders.
    Steenkool was het zwarte goud voor de mijnstreken.
    Het journaal bericht ons geregeld over mijnrampen in China, Zuid-Afrika. In de lessen geschiedenis leren de kinderen dat de drie industriële revoluties parallel liepen met de energiebronnen: steenkool met de stoommachines en de hoogovens, daarna de elektriciteit en de aardolie en later de atoomenergie met de kerncentrales.
    De dag kan je best eindigen met te wandelen in de Genkse winkelwandelstraten. Daar kunnen kinderen zien hoeveel nationaliteiten (een honderdtal, iets minder dan in Antwerpen) er leven in deze multiculturele stad. Ze shoppen, ze zitten op terrasjes of in de vele kleine restaurants samen met de andere Genkenaars. En vergeet niet pizza te eten: een smakelijk bewijs dat de Italianen hier de belangrijkste migranten waren.
    Op de terugweg kan je liedjes spelen, zingen of neuriën van Salvatore Adamo. Toen Adamo 4 jaar oud was verhuisde hij met zijn familie naar Mons in de Waalse Borinage, omdat zijn vader in de mijnen ging werken.

    23-07-2008 om 09:13 geschreven door siti4 - georges de corte


    22-07-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Rekem Oud-Rekem
    Rekem Oud-Rekem
    Dank zij de talrijke stemmen uit Limburg werd Rekem (deelgemeente Lanaken) op 29 mei 2008 uitgekozen als mooiste dorp van Vlaanderen. Toerisme Vlaanderen, Limburg en Rekem mochten tevreden zijn. Op internet lezen we dat Kasterlee het mooiste dorp is van de Provincie Antwerpen. De toeristische industrie heeft zich geworpen op 'mooiste'… Dus Rekem is een bezoek waard, zo dachten we. We parkeerden op een zondag voor de Sint-Pieterskerk in Rekem. We vonden er niets speciaals aan. Zijn we wel juist? Nergens zagen we vlaggen, affiches of versieringen die wezen op deze verkiezing. Bij navraag bleek dat het Oud – Rekem was, een kilometer verder. Een parking was aangelegd op een honderdtal meter van de dorpskern. Het eerste wat wij zagen was een Paterskerk (1708) van de Minderbroeders. Op de muur een plaket met de afbeelding van Hilarion Thans. Voor het gezelschap een volkomen onbekende. Ik herinnerde mij hem als schrijver dank zij de Nederlandse bloemlezing Zuid en Noord die in de jaren vijftig populair was in de colleges. Het katholieke karakter werd gegarandeerd door de opsteller Pater Noë. Vandaar dat een aantal min of meer tweede en derderangs auteurs van katholieke huize opgenomen werden. Gelukkig dat de meeste leerkrachten Nederlands deze bloemlezing te buiten gingen en ons betere auteurs gaven met aangepaste boekenlijst. Men kan gemakkelijk de boekenlijsten verketteren, maar ze hebben toen en nu hun nut bewezen. De volgende bestseller voor de Nederlandse literatuur was De dubbelfluit (1968) van Anton Van Wilderode, de leraar uit het college van Sint-Niklaas met o.a. Tom Lanoye als oud-leerling die met veel respect naar hem opkeek.
    Oud-Rekem is een kerkdorp met een aangenaam plein de Groenplaats, met een museumkerk, met  vele restaurants en pittige straten. In het grafelijk stadje Oud Rekem - gelegen aan de heirbaan Tongeren - Nijmegen - wordt het stadsbeeld beheerst door het kasteel van het adellijk geslacht Aspremont-Lynden de Reckem die er de heersers waren 1590 tot 1794. In 1792 werd het een militair ziekenhuis; in 1794 tijdens de Franse Revolutie werd het staatseigendom; in 1809 een bedelaarsgesticht voor daklozen; in 1891 gesticht voor justitiekinderen; in 1921 Rijkskrankzinnigengesticht; in 1972 Erkenning als psychiatrisch ziekenhuis door volksgezondheid. Omwille van plaatsgebrek verhuist het psychiatrisch ziekenhuis naar de Daalbroekstraat in Rekem 'Daelwezeth'. In 2003 start nieuwbouw Psychiatrisch Verzorgingstehuis in centrum van Lanaken De voormalige, barokke parochiekerk werd volledig gerenoveerd en is nu een concertruimte, een kijkkerk en een tentoonstellingsruimte.
    Ga zeker na naar de Groenplaats om het perron te bekijken, symbool van de grafelijke macht. Op enkele tientallen meters zie je nog een oud tolkantoor. Rekem was immers een grensplaats. Langs deze water - grens kan je wandelen en vooral fietsen.

    Wandelpunten: gebruik de brochure "Wandelroute Oud-Rekem van 2,5 km". Kijk uit naar het Minderbroederklooster - Paterskerk - voormalige distillerie Senden - de watermolen - Ucoverpoort (1630) met bijhorende drossaardwoning - het Oude God-pleintje - het vroegere gerechtshof - het kasteel. Ook zonder brochure vind je gemakkelijk de weg: volg naar de inox-spijkers. Op de gevels vind je een korte omschrijving. Voor een authentiek cafeetje ga je best naar "In de Oude God". Een oude stadsboerderij vind je verderop als hoekhuis. Een interessante museumapotheek is de "De Roomse Keizer", nu een kruidenwinkel. Eten en drinken: De Oud God - Het Poortgebouw - Onder de Linden – Posthuis …

    22-07-2008 om 11:11 geschreven door siti4 - georges de corte


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Red Star Line
    In de vakantie zijn bezoekjes met kleinkinderen een interessante, zij het soms een vermoeiende bezigheid. We waren met een kleine groep van vier volwassenen en acht kinderen tussen zes en tien. Eerst een bezoek dichtbij: in het Steen te Antwerpen loopt de laatste grote tentoonstelling Red Star Line. People on the Move. Daarna gebeurt immers de verhuis naar het verderop gelegen MAS: Museum aan de Stroom, dat het grootste museum van België wordt.
    De tentoonstelling over de Red Star Line is interessant, op voorwaarde dat er achtergrond kennis is bij de (jonge) bezoekers. Dit geldt echter voor de meeste tentoonstellingen. Boten, zeegezichten interesseren gelukkig jonge mensen, zeker als alles verpakt zit in een maritieme omgeving in een oud kasteel (Sommigen willen zelfs het Steen omvormen tot een soort Dysney-kasteel...).
    We verwezen naar de film Titanic (goed gekend) met de migranten waarvan de meesten verdronken. Daarna gingen we wandelen langs de Scheldekaaien en bezochten we de historische gebouwen van de Red Star Line, die nu op de lijst staan van de beschermde gebouwen door de Vlaamse Gemeenschap.
    Dan gingen de volwassenen verderop een hapje eten in Het Pomphuis sinds 2002 restaurant en bar. De kinderen gingen met een nichtje naar een kinderfilm in het niet zo ver afgelegen van cinemacomplex Metropolis, maar eerst pizza eten.
    Het
    Pomphuis ging van start in 1920 tot 1982. Het Pomphuis was in zijn tijd een van de grootste van Europa, pompte het naast gelegen droogdok leeg zodat een schip onderhouden, geladen en gelost kon worden. De rederij “Red Star Line” maakte er regelmatig gebruik van. Een vaste klant was “Belgenland”, dat een lijndienst onderhield tussen Antwerpen en New York.
    De volgende week zouden we met dezelfde groep Limburg verkennen, meer speciaal de herinneringen aan de mijnen, de steenkool en de mijnwerkers met de verschillende nationaliteiten. Nu al maakten we de verbinding tussen stoomschepen en kolen, de   migranten naar de Verenigde Staten en emigratie van mijnwerkers uit Italië naar Limburg. En dat we in Genk de beste pizza zouden eten die daar te vinden is. En op het uurtje rijden - als er geen files zijn - zouden we wat vertellen over mijnen, steenkolen, mijnrampen en Salvatore Adamo.

    22-07-2008 om 00:00 geschreven door siti4 - georges de corte


    06-06-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.6 juni 2008 Koning Albert wordt vierenzeventig.
    2008 -  6 juni Koning Albert wordt vierenzeventig.

    Er zijn speculaties over een troonsafstand als hij in 2009 vijfenzeventig wordt. In België is er in de regel een troonopvolging bij overlijden met van uitzondering Leopold III.
    Als de kroonprins de volgende koning der Belgen zou worden, wordt dan later Elisabeth, de dochter van Filip en Mathilde, dé kandidaat voor de eerste koningin.

    Koning Albert II vertelt een sprookje aan zijn kleinkinderen, in het bijzonder aan Elisabeth die misschien ooit de eerste regerende koningin van België zal zijn.

     “Er was eens een koning die regeerde over een klein land. Hij liep niet rond met een kroon en een lange mantel. Hij reed niet door zijn land rond op een groot wit paard. Toen hij jonger was reed hij liever rond met een vlugge auto of met een motorfiets. Want ook koningen gaan met hun tijd mee. Hij reed dan naar de kust, naar De Panne, vlak aan de grens met Frankrijk. Daar ging de eerste koning van dit kleine land voor de eerste keer aan land. Deze eerste koning was een grote, man die er graag mooi bij liep. Als hij wat ouder werd droeg hij een mooie pruik met zwarte lokken en hij droeg meestal een strak legeruniform.
    België zag er toen heel anders uit dan nu. Meer weiden en velden en hier en daar fabrieken. De meeste Belgen leefden van de landbouw. Heel wat mensen konden met moeite rondkomen. Ze leden geregeld honger, zeker als de oogst van de aardappelen of van het koren mislukt was. Ze morden, al beseften ze dat ze woonden in een vrij land. Sommige buurlanden keken met een begerig oog naar ons landje. Eerst Nederland, later Frankrijk en zeker Duitsland die twee keer dit kleine land (poor little Belgium) binnenviel: twee vreeslijke oorlogen met zeer veel doden. De zoon van de eerste koning volgde zijn vader op: Le roi est mort, vive le roi. Die tweede koning was een grote bouwheer in Brussel, in Oostende, in Spa. Hij had geen zoon die hem kon opvolgen. Hij had wel dochters, maar toen mochten de dochters nog niet regeren. Dat is nu veranderd.
    Zijn neef Albert volgde hem op. Ik draag dezelfde naam: Albert. Niet veel later kwam de Eerste Wereldoorlog. Duitsland viel  België binnen. De Belgen hielden stand op een klein gebied in de Westhoek aan de Noordzee. Onze medestanders hielpen ons en Duitsland verloor. De Belgen waren door het dolle heen van vreugde: ze droegen hun koning op de handen en de sympathieke koningin, die dezelfde naam droeg als u, ma petite princesse, Elisabeth. Enkele jaren later viel deze koning van een rots in de Ardennen. Opnieuw rouwden de mensen: hun dappere koning was dood. Zijn zoon volgde hem op. Hij had het bijzonder moeilijk. De mensen die het land bestuurden vanuit Brussel konden niet overeen komen. De koning vond dat niets. En zie: veertig jaar na de Eerste Wereldoorlog, kwam de Tweede Oorlog. Opnieuw viel Duitsland ons land aan en vele andere landen. Tijdens en vooral vlak na de oorlog gingen de helft van Belgen niet akkoord hoe die koning de zaken had aangepakt. Er kwam geweld en betogingen. Om dit op te lossen besloot de koning van zijn troon afstand te doen. Zijn zoon Boudewijn, hij was nog geen eenentwintig, volgde hem op. Hij stond er alleen voor en was nogal eens triest. Sommigen spraken van ‘Le roi triste’. Er was nog geen koningin en hij moest alles nog leren.
    Deze koning regeerde vele jaren. Als hij plots stierf in Spanje, was heel het land in diep verdriet. Zijn broer volgde hem op. De Belgen hadden opnieuw een koning. De Belgen leefden langer, gezonder en welvarender. Ze vonden werk. Ze gingen meer en meer op reis. Ze hielden van chocolade, bier, friet, het Atomium, Manneken Pis, Kuifje (Tintin): ook in het buitenland kenden ze zo België.
    Er waren wel problemen tussen de Vlamingen en de Franssprekenden. Ze keken soms een andere kant op. Er kwamen ook personen uit andere, soms verre landen naar België. Ze dienden hun weg te vinden in België. Sommigen werden nieuwe Belgen, anderen zochten een schuilplaats in België.
    De Belgen vieren graag feest. Samen met de koning en de koningin dansten en zongen ze toen ons land 175 jaar bestond. Ze betaalden nu niet meer de frank maar met de Euro. En die koning samen met de koningin kregen kinderen en kleinkinderen. En de koning zag dit goed was. Als hij alleen in de slaapkamer was, deed hij voor zijn plezier een kroon op zijn hoofd. Hij keek in de spiegel en lachte. De koning lachte omdat hij gelukkig was in zijn land, met zijn familie, met de Belgen. …

    “Maar opa, die koning bent u.” zei Elisabeth,blij dat ze dit doorhad. “Ja prinsesje, oui ma petite princesse, die koning ben ik.” en hij lachte breeduit zoals enkel een koning als Albert II dat kon.
    Hij kneep wat harder in haar hand, hij kuste haar op haar voorhoofd en deed dit ook bij de andere kleinkinderen. De koning pinkte een traan weg. Ook koningen pinken traantjes weg, maar die veranderen niet in goud zoals in sprookjes.

    06-06-2008 om 14:47 geschreven door siti4 - georges de corte


    02-06-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Lourdes in de regen
    Lourdes Ik had al in december 2007 beslist om ter gelegenheid van 150 jaar verschijningen van Maria aan Bernadette Soubirous, Lourdes zelf te ervaren met mijn zintuigen, mijn ervaringen, mijn herinneringen. Die herinneringen hielden verband met Lourdeswater in kleine flesjes, de medailles, de verhalen op school en in de parochiekerk van de verschijningen en de mirakelen, de Lourdesgrotten in ons land zoals in Oostakker, Banneux, Edegem, 'Te Lourdes op de bergen' in processies en op de muziekdoosjes, de huwelijksreis van vroeger van een familieleden en bekenden en vooral van de Lourdes bedevaarten met de zovele zieke mensen en vrijwilligers. Met twee maanden afstand is het makkelijker om mijn reisindrukken te filteren en te ordenen. Ik vond ook een goede aanleiding om mijn ervaringen over Lourdes nu op mijn weblog te plaatsen, gezien de bijkomende aandacht die Lourdes onlangs had gekregen, door een privé-bezoek van de Minister van Landsverdediging, Pieter De Crem, naar dit bedevaartsoord. Toen ik in Lourdes was (begin april 2008) was het uitermate slecht weer: hagel, sneeuw, regen, koud. Mijn reisgezel zei me dat er een groot verschil in sfeer is, met de dagen dat zij er was in de mooie septemberdagen van 2007. Bij de pelgrims hoorden we geregeld Nederlands. We zagen de pelgrims opstappen in de kaarsjesprocessie achter de pancartes van gemeenten en van parochies uit Vlaanderen. In de kerk onder de grond waar er elke dag een mis een aanbidding is van het sacrament en zegening van de zieken, was het een internationaal sfeertje: verschillende talen voor de misteksten en liederen. Het viel me op hoe de meeste Belgische bedevaarders achteraf een uitvoerig beeld kunnen schetsen van de heiligdommen en de kaarsjesprocessie. Dit wijst erop dat deze site indruk heeft gemaakt. Men spreekt vooral over de grote esplanaden, de grot zelf met het lange aanschuiven, het water waar men de eigen flessen kan vullen, verderop de baden voor mannen en vrouwen die gehandicapt zijn. Kaarsjesprocessie: gaat elke dag uit in open lucht vanaf 21 uur. Iedereen heeft een kaarsje in de hand. De aanbevolen prijs is 1 euro. Want alles heeft zijn prijs. Men bidt een rozenkrans en men zingt liederen. Vooral ‘Te Lourdes op de bergen’ in verschillende talen. Ter gelegenheid van 175 jaar Lourdes hebben de organisatoren een wandeling naar acht plaatsen die een rol hebben gespeeld in het Lourdes verhaal. De meeste bedevaarders proberen in de omgeving van Lourdes enkele uitstappen te maken. Het is inderdaad enkele kilometer verder een prachtige eraring van de Pyreneeën. Geen wonder dat dit behoort tot Werelderfgoed. Slotsom: ik heb het me niet beklaagd om naar Lourdes te bezoeken en te pogen om me in te leven in de sfeer van nu en in die van vroeger.

    02-06-2008 om 11:46 geschreven door siti4 - georges de corte


    25-05-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Regimecrisis in België
    Regimecrisis in België Ik was bezig een hoofdstuk te schrijven over bestuur in België in de tweede helft van 2007 en later. De uitslag van de federale verkiezingen van 10 juni 2007 was, zo schreven de meeste kranten, o.a. een overwinning van het kartel CD&V & NV-A met Yves Leterme, toenmalig Minister – president van de het Vlaamse gewest en momenteel premier. De regeringsformatie duurde zeer lang. Telkens dacht ik dat ik in mijn tekst kon verwijzen naar een nieuw bestuursakkoord. Dat kwam er maar niet. In de media spraken sommige observatoren van een regimecrisis. Dat was wel sterk uitgedrukt, want geen enkel weldenkende burger en politicus wou het democratische regime omver werpen. Er waren wel diepgaande meningsverschillen tussen de Nederlandstalige en Franstalige partijen en pers. De twee gemeenschappen groeiden uit elkaar op heel wat vlakken. De meeste punten in de onderhandelingen kregen vlug een communautaire tintje, met al stekeligheden van dien. Velen hadden het over dat de onderhandelingen tussen de verschillende partijen van de twee taalgroepen eerder dan over een diplomatiek overleg tussen twee verschillende deelstaten in een nieuw, federale België. Toen Verhofstadt begin december 2007, een van de verliezers van de verkiezingen, nogal onverwachts premier werd van een overgangsregering, sprak men opnieuw van een regeringscrisis. De kibbelende partijen waren immers niet in staat een regering te vormen. Verhofstadt zou afkoeling, rust en wijsheid brengen als nieuwe staatsman zoals Jean – Luc Dehaene. De aanslepende onderhandelingen hadden bij velen de geesten wakker geschud. Men kreeg de indruk dat sommige partijen, zeker de CD&V een sterkere Vlaamse reflex kregen en dat de man en de vrouw in de Vlaamse straat de ‘spelletjes’ van de Franssprekenden beu werden. En omgekeerd. Een volgende, diepgaande staatshervorming vond men nodig in Vlaanderen en bespreekbaar in het Franstalige deel. In die zin waren juni – december 2007 misschien de belangrijkste maanden van het Koninkrijk België. Een van de observatoren, de historicus Marc Reynebeau, redacteur van De Standaard nuanceerde als volgt: "Misschien wordt er al te snel gegoocheld met woorden als 'regimecrisis', een term die in de jaren dertig van Paul-Emile Janson en koning Leopold III iets heel concreets betekende: minder democratie en meer autoritarisme." (DS 4 dec. 2007 - Overstekend wild.) Ik heb nog enkele weken tijd om verder te schrijven. Of toch maar wachten met schrijven tot 15 juli 2008? Regimecrisis of niet.

    25-05-2008 om 10:15 geschreven door siti4 - georges de corte


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Voor welk lezerspubliek?
    Voor welk lezerspubliek? Deze vraag krijg ik altijd voorgeschoteld als ik een manuscript voorleg. Dit gesprek is nooit gemakkelijk. De ene keer is het doelpubliek te ruim, te onduidelijk. Een andere keer is de beoogde lezersgroep te beperkt, zegt de uitgever. Ook deze keer heb ik de uitgever ervan kunnen overtuigen dat er voldoende lezerspotentieel is. Ik durf niet (meer) suggereren dat er een bestseller in steekt. Daarvoor moet je keigoed zijn of een bekende figuur in populaire televisieprogramma’s. En spreken over een longrunner is onbegonnen werk. Na ongeveer zes maanden velt men een oordeel of het boek nog verder wordt aangeboden in de boekhandel. Zoniet verdwijnen op het einde van het jaar de niet verkochte exemplaren in de papiersnippermachine, raken ze in tweedehandse verkoopspunten en krijgt de auteur de vraag of hij een aantal exemplaren wil kopen aan een sterk verlaagde prijs. Geen mooie vooruitzichten, hoewel dit de realiteit is voor heel wat boeken. In de eerste plaats schrijf ik een boek omdat ik het zelf boeiend vind. Ik heb natuurlijk wel graag dat het boek in de etalage staat, besproken wordt en in de uitleenbibliotheken te vinden is. Het werk en de stress, de onzekerheid en de onmacht moet je erbij nemen. Na al die pro’s en contra’s werk ik vandaag en morgen verder aan het manuscript. Ik zweer bij mezelf: Dit is nu mijn laatste boek dat ik zal laten uitgeven. We zullen zien, zegt mijn vrouw.

    25-05-2008 om 09:52 geschreven door siti4 - georges de corte


    28-03-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Van Filip De Pillecyn (1891 - 1962) naar Hugo Claus (1929 - 2008)
    Een van mijn geliefkoosde boeken is 'Mensen achter de dijk' (1949) van Filip De Pillecyn. Toen ik dit boek voor de eerste keer las, wist ik niet dat hij na de oorlog had vastgezeten. Dit zou mijn leesplezier wel niet bedorven hebben, maar het zou toch een aparte kleur en geur hebben gegeven aan mijn leeservaringen. Hij had dit boek immers geschreven in gevangenschap. Voor een deel zijn het herinneringen aan zijn geboorteplek Hamme, waarvan hij het dagelijkse leven op een fijnzinnige manier schildert. Onlangs heb ik het een en het ander opgezocht over hem opgezocht, omdat ik wat wilde opzoeken over wit en zwart, over collaboratie en verzet in België. In 1940 werd hij lid van het VNV (Vlaams Nationaal Verbond) en DeVlag. In oktober werd hij lid van de Vlaamse Cultuurraad. Hij was een Vlaamse intellectueel: Germaanse filologie (Leuven), redactiesecretaris voor De Standaard en leraar in Malmedy en in Mechelen. Begin tweede wereldoorlog werd Filip De Pillecyn directeur-generaal van het Middelbaar Onderwijs. Zaken die hem na de oorlog werden aangewreven als ‘culturele’ collaborateur. Van 1944 tot 1949 bleef hij in de cel. Van 1957 tot 1960 was hij lid van het IJzerbedevaartcomité. In 1962 overleed hij en werd begraven te Campo Santo in Sint-Amandsberg. In Hamme is er een gedenkteken en een genootschap. In een volgende bijdrage zullen we het hebben over andere Vlaamse schrijvers die moeilijkheden hadden na de oorlog zoals Timmermans, Claes … en van de invloed van de collaboratie en het verzet op de Nederlandstalige literatuur. De Aanslag van Harry Mulisch kennen de meeste scholieren (canon). Het verdriet van België is een zeer complex boek met een sterke internationale uitstraling. Dit boek kende een enorme hype na het overlijden van Claus. Ik wil eindigen met een bedenking van de hoofdredacteur van Knack (26.03.2008) “ …Doch de kans is groot dat latere biografen tot de vaststelling komen dat de diepste krassen op zijn ziel, zoals bij zoveel van zijn generatiegenoten, veroorzaakt werden door de repressieperiode. Het moeten geen vrolijke dagen zijn geweest voor de zoon van 'een zwartzak' en voor een gewezen lid van de Nationaal Socialistische Jeugd Vlaanderen (N.S.J.V.) die in Deinze op college werd geplaatst.”

    28-03-2008 om 20:06 geschreven door siti4 - georges de corte


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.'k Hoore tuitend' hoornen... Gezelle of Tmmermans?
    Op een etentje van vijftigplussers was er een discussie over wat men recent had gelezen. Dan ging het vrij vlug naar de verplichte schoollectuur (canon) en welke Nederlandstalige boeken bleven hangen. De voorkeuren aan onze tafel waren gemengd: van Streuvels over Timmermans, naar Ruyslinck, Claus, Boon, Mulisch enz. Iemand opperde dat Gezelle samen met Van Ostaijen onze beste dichter was. En hij verwees naar Hugo Claus die Gezelle ook in zijn bovenste lade had gelegd. Toen sprak iemand van ‘tuitend hoornen’. Ik dacht dat dit versregels van Timmermans waren. Toen iemand het gedicht 'k Hoore tuitend' hoornen declameerde was het onmiskenbaar Guido Gezelle. En nochtans was ik ervan overtuigd dat ik die regel ook had gelezen bij Timmermans. Misschien in zijn dichtbundel Adagio? De volgende morgen naar Google met als gecombineerde zoekwoorden "tuitend hoornen". In de eerste plaats Guido Gezelle http://www.kerknet.be/microsite/guidogezelle/content.php?ID=1377 met daarin het gedicht 'k Hoore tuitend' hoornen 'k Hoore tuitend' hoornen en de navond is nabij voor mij: kinderen, blij en blonde, komt, de navond is nabij, komt bij: zegene u de Alderhoogste, want de navond is nabij, komt bij: 'k hoore tuitend' hoornen en de navond is nabij, voor mij! Verder op Google gezocht, en van dat 'tuitend hoornen' was er (gelukkig voor mijn ijdelheid) een verwijzing naar Felix Timmermans: zie de elektronische uitgave van Pallieter http://www.ebooksread.com/authors-eng/felix-timmermans/pallieter-553/pag e-6-pallieter-553.shtml "'k Hoore tuitend' hoornen en de navond is nabij voor mij; kinderen, blij en blonde, komt, de navond is nabij komt bij: zegene U de Allerhoogste, want de navond is nabij; komt bij; 'k hoore tuitend'" Ik vraag me af of dit geen verwijzing was naar Guido Gezelle.

    28-03-2008 om 18:49 geschreven door siti4 - georges de corte


    04-02-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vallen en struikelen
    Vallen en struikelen Op de televisie zag ik een eenvoudig voorbeeld van probleemoplossend gedrag bij thuiswonende ouderen in verband met vallen en struikelen. De reporter vroeg aan een vijftal ouderen hoe zij te werk gingen om veilig de trap op en af te gaan. Zij demonstreerden dit en gaven uitleg. Eenvoudig van opbouw en een interessant voorbeeld van good pratices met kennisoverdracht. Alle situaties waren zo herkenbaar en bruikbaar. De tips die ze gaven waren de eenvoud zelve. Ik som de belangrijkste op: Algemeen: zich niet haasten; een steun gebruiken zoals een trapleuning, de zijdelingse muur of de traptreden; zorgen dat er voldoende verlichting is en niets in de handen houden. Een zeldzame keer slechts iets in een hand houden als dit niet te zwaar is. Altijd zorgen dat er minstens een hand dient om zich vast te grijpen. Stijgen: eerst pantoffels uitdoen omdat dit te glibberig is; zorgen dat het traptapijt vast ligt of liefst geen trap tapijt. In het algemeen zijn losse tapijten niet goed. Een persoon zei dat hij zich vast hield bij het stijgen aan de trappen voor hem. Dit gaf hem een gevoel van veiligheid. Dalen: sommigen gingen achterwaarts naar beneden zoals men vaak doet bij het beklimmen van trappen in kerken en belforten of van ladders bij gebouwen. Een andere persoon zei: ik ga op mijn poep zitten en zo ga ik langzaam naar beneden. Ik kreeg heel wat associaties toen ik die beelden zag en de commentaren hoorde. De paar keren dat ik zelf gevallen was, gelukkig telkens zonder ernst. Ook aan wat we als ouders deden bij kleine kinderen: hekken voor de trap en ze laten dalen op de poep. Ik dacht aan het verhaal van mijn oudste dochter die in een Amerikaanse firma werkte. Men was zeer streng op de veiligheid op de werkvloer. Als men een werknemer of een kaderlid de trap zag afgaan zonder zich vast te houden, werd dit gesignaleerd aan de betrokkene en er volgde een sanctie bij een volgende keer. Of het volgende verhaal van een familielid. Er waren twee deuren in de gang naast elkaar. De ene deur was voor het toilet, de andere voor de kelder. De deuren waren identiek van uitzicht en er stond geen opschrift van toilet en kelder. Je kunt al raden wat er eens gebeurde met een bezoeker. Hij nam de verkeerde deur en donderde van de stenen trap naar de kelder. Gedaan met het familiefeestje en met de ziekenwagen naar de spoed. Het vallen en struikelen van trappen kan ook plezante vormen aannemen. In mijn herinneringen zie ik vedettes en presentatoren struikelen bij het dalen van de showtrap. Meestal met de schrik voor zij die vallen en – God betert het – met wat leedvermaak voor de toeschouwers.

    04-02-2008 om 15:37 geschreven door siti4 - georges de corte


    30-01-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Senior - vriendelijke ziekenhuizen
    Senior - vriendelijke ziekenhuizen. Je kunt er niet naast kijken: ‘senior-vriendelijk’ duikt meer en meer op. We denken aan reizen, openbaar vervoer enz. In de beleidsplannen van de seniorenwerking van de gemeenten schenken gaat heel wat aandacht aan het senior – vriendelijker maken van de toegang tot openbare gebouwen, culturele manifestaties tot en met trottoirs en oversteekplaatsen. Laten we ons hier beperken tot senior-vriendelijke ziekenhuizen. Op Er is een groeiend aantal patiënten van die leeftijdsgroep; ze hebben hun eigen behoeften. Ze zijn soms minder assertief dan jongere patiënten en zullen minder vlug zeggen aan het zorgpersoneel wat er hapert. Speciale behoeften: sommigen voelen zich eenzaam en vragen daarom meer aandacht en warmte. Het gewone zorgpersoneel geeft zoveel mogelijk die aandacht en die warmte, maar de werklast drukt. Sommige voorzieningen schakelen daarom vrijwilligers in om daaraan wat te verhelpen. Dat ligt in de lijn wat bijvoorbeeld Ziekenzorg al jarenlang doet: aan huis komen van langdurige zieken. Vrijwilligers in een ziekenhuis worden meestal niet daarvoor ingezet. In de eerste plaats spelen ze een rol in het transport en in de hulp bij het voeden. Het vraagt aanvankelijk bijkomende begeleiding en vorming op de werkplek. De Vereniging van Technische Diensthoofden der verzorgingsinstellingen VDTV, organiseerde op 15 juni 2007 Leuven een congres en een vakbeurs rond het thema: Seniorenvriendelijke verzorgingsinstellingen van uit technisch oogpunt www.vtdv.be. Daaruit putten we enkele ideeën in combinatie met wat we eerder schreven over ‘taai ongerief’. • Hulpverlichting: bijvoorbeeld LED wegwijzers toilet. Toilet: plaats van toiletrol;; kijken naar individuele verpakking. • Maaltijden: Keuzekaartjes aanpassen; welke lepels, vorken, messen, zijn makkelijk en minder makkelijk; idem voor drinkgerei; melkkannetjes; melkcups; flessen met draaistoppen, kroonkurken; servetten. • Dagkastje (nachtkastje), toilet (waar hangt het toiletpapier?); gemeenschappelijke ruimte; gebruik televisie (niet storend) en computer. • Een functionele en aangename aankleding en decoratie… van muren en zoldering in de kamers en de gangen. • Verantwoord gebruik van kleuren (geen te felle kleuren). • … Als vrijwilligers samen met de patiënten en met het zorgpersoneel daarover kunnen van gedachten wisselen, komen er zeker een aantal voorstellen uit de bus, die het ziekenhuis senior-vriendelijker maken.

    30-01-2008 om 09:24 geschreven door siti4 - georges de corte




    Archief per week
  • 20/09-26/09 2010
  • 06/09-12/09 2010
  • 30/08-05/09 2010
  • 26/07-01/08 2010
  • 12/07-18/07 2010
  • 07/06-13/06 2010
  • 31/05-06/06 2010
  • 12/04-18/04 2010
  • 22/03-28/03 2010
  • 15/03-21/03 2010
  • 12/10-18/10 2009
  • 05/10-11/10 2009
  • 21/09-27/09 2009
  • 14/09-20/09 2009
  • 31/08-06/09 2009
  • 03/08-09/08 2009
  • 20/07-26/07 2009
  • 06/07-12/07 2009
  • 29/06-05/07 2009
  • 08/06-14/06 2009
  • 13/04-19/04 2009
  • 06/04-12/04 2009
  • 23/03-29/03 2009
  • 02/03-08/03 2009
  • 05/01-11/01 2009
  • 01/12-07/12 2008
  • 17/11-23/11 2008
  • 10/11-16/11 2008
  • 18/08-24/08 2008
  • 04/08-10/08 2008
  • 28/07-03/08 2008
  • 21/07-27/07 2008
  • 02/06-08/06 2008
  • 19/05-25/05 2008
  • 24/03-30/03 2008
  • 04/02-10/02 2008
  • 28/01-03/02 2008
  • 14/01-20/01 2008
  • 07/01-13/01 2008
  • 31/12-06/01 2008
  • 17/12-23/12 2007
  • 26/11-02/12 2007
  • 05/11-11/11 2007
  • 20/08-26/08 2007
  • 06/08-12/08 2007
  • 02/07-08/07 2007
  • 25/06-01/07 2007
  • 18/06-24/06 2007
  • 04/06-10/06 2007
  • 30/04-06/05 2007
  • 23/04-29/04 2007
  • 12/03-18/03 2007
  • 05/03-11/03 2007
  • 26/02-04/03 2007
  • 19/02-25/02 2007
  • 05/02-11/02 2007
  • 29/01-04/02 2007
  • 22/01-28/01 2007
  • 30/10-05/11 2006
  • 23/10-29/10 2006
  • 02/10-08/10 2006
  • 28/08-03/09 2006
  • 21/08-27/08 2006
  • 14/08-20/08 2006
  • 31/07-06/08 2006
  • 29/05-04/06 2006
  • 17/04-23/04 2006
  • 27/02-05/03 2006
  • 20/02-26/02 2006
  • 13/02-19/02 2006
  • 26/12-01/01 2006
  • 12/12-18/12 2005
  • 05/12-11/12 2005
  • 28/11-04/12 2005
  • 21/11-27/11 2005
  • 07/11-13/11 2005
  • 17/10-23/10 2005
  • 10/10-16/10 2005
  • 03/10-09/10 2005
  • 19/09-25/09 2005
  • 12/09-18/09 2005
  • 15/08-21/08 2005
  • 08/08-14/08 2005
  • 01/08-07/08 2005
  • 18/07-24/07 2005
  • 27/06-03/07 2005
  • 20/06-26/06 2005
  • 13/06-19/06 2005
  • 06/06-12/06 2005
  • 30/05-05/06 2005
  • 09/05-15/05 2005
  • 02/05-08/05 2005
  • 25/04-01/05 2005

    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Blog als favoriet !

    Zoeken in blog


    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     


    Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!