|
Op een zwoele zomeravond vorige week hoorde ik minister Zuhal Demir op tv iets vertellen over praktijktests. Alsof ze ze zelf uitgevonden had, zo leek het.
Discussies over het betrappen van argeloze werkgevers op discriminatie laaien weer op. Maar vele jaren geleden al plaveiden de ministers Monica De Coninck (sp.a) en Kris Peeters (CD&V) de weg naar het opsporen van etnische discriminatie op de arbeidsmarkt. Toen heette dat nog 'mystery calls' of 'anoniem solliciteren'.
Bij het aanwerven van personeel zouden werkgevers bruine sollicitanten of werkzoekenden met een vreemde naam systematisch weigeren. En daar stak de Vlaamse regering een stokje voor. Ze verzonnen daarom valse sollicitaties, anonieme bellers en anonieme sollicitanten, nepsollicitaties dus, om werkgevers in de val te lokken en om discriminatie uit te lokken.
Onbegrijpelijk dat deze louche, misdadige en asociale technieken als praktijktests ooit in een wet gegoten zijn. Een werkgever kiest voor bekwaam werkvolk dat zijn bedrijf doet renderen. Hij wil gemotiveerde mensen met capaciteiten, verantwoordelijkheidszin en werklust. En daarom heeft hij het recht om te 'discrimineren', het recht op vrijheid van voorkeur als fundamenteel recht, evenwaardig aan het recht op vrije meningsuiting.
|