Ik ben guy, en gebruik soms ook wel de schuilnaam skodaman.
Ik ben een man en woon in duffel (belgie) en mijn beroep is invalide.
Ik ben geboren op 30/01/1962 en ben nu dus 64 jaar jong.
Mijn hobby's zijn: alles over autos.
De massamotorisering van Italië begint in 1957 met de Fiat 500. Het vierzits autootje met de bijnaam rugzakje is de opvolger van de beroemde Topolino. De luchtgekoelde motor is, net als bij de 600, achterin geplaatst en drijft de achterwielen aan. De wielophanging is rondom onafhankelijk, de vierversnellingsbak is op de vloer geplaatst. De vroege versies hebben naar achteren scharnierende portieren. De tweecilinder met 479 cc perst er 13 pk uit bij 4.000 tpm. Later dat jaar neemt het vermogen toe tot 15 pk. Bijzonder is dat bij de basisversie (Economica) de ramen niet open kunnen. Wel heeft de 500 een canvas dak, dat naar achteren opgerold kan worden, voor de nodige frisse lucht. In 1960 verschijnt zelfs een stationversie, Giardiniera genaamd. Deze heeft een grotere wielbasis en een horizontaal geplaatste motor (onder de laadvloer). De tevens in 1960 gepresenteerde 500D, de opvolger van de 500, beschikt over een sterkere motor van 499 cc, met 18 pk bij 4.400 tpm. In 1965 vervangt de 500F de 500D, met als belangrijkste verschil de nu naar voren scharnierende portieren, wat een verbetering van de veiligheid betekent. In 1972 verschijnt de laatste versie, de 500R, met andere wielen en een nieuwe motor van 594 cc, afkomstig van de Fiat 126. In de 500R levert de motor echter iets minder vermogen, namelijk 18 pk. Wanneer in 1975 het doek valt voor de 500, zijn er meer dan 3.678.000 exemplaren gebouwd. De Giardiniera wordt onder de merknaam Autobianchi nog verkocht tot 1977.
De Fiat 128 was in 1969 de opvolger van de Fiat 1100. De Fiat 128 had een compleet nieuwe constructie, een nieuwe motor en voorwielaandrijving. Met een lengte van 385 cm gaf hij een prima binnenruimte. In 1978 werd de Fiat 128 opgevolgd door de Fiat Ritmo. Vandaag de dag wordt het model nog steeds gebouwd in de Servische Zastava fabrieken als de Zastava 128.
Grote modellen hebben Fiat doorgaans niet veel geluk gebracht, de kleintjes daarentegen juist wel en daarom was het ook niet zo vreemd dat er begin jaren zeventig al volop werd gewerkt aan een opvolger voor de Fiat 850. In april 1971 kwam die er in de vorm van de Fiat 127. De wielophanging en remmen waren rechtstreeks afkomstig van de Fiat 128 die twee jaar eerder was verschenen als opvolger van de 1100. De viercilinder motor was gelijk aan die van de snelste Fiat 850 (903 cc, 47 pk) en dus was de 127 technisch ondanks zijn voorwielaandrijving - niet al te baanbrekend. Qua vorm was hij dat echter wel. Met zijn sterk aflopende achterzijde en in de carrosserie verstopte vierkante koplampen was de auto zeker modern en sloeg hij dan ook goed aan. Toen het model in 1971 tot Europese Auto van het Jaar werd benoemd, ging het zelfs helemaal hard met de verkopen. De 127 haalde de 850 qua aantallen al snel in. Vanaf 1972 is er ook een versie met derde deur, en in combinatie met de neerklapbare achterbank is dat zeker een praktische auto. De 903 cc motor wordt in 1977 opgevolgd door een versie met 1.049 cc en 1981 is er een 1300 sport met 1.301 cc motor, goed voor 70 pk en een top van 160 km/h. Ondanks het gigantische productieaantal van 3.779.086 stuks zijn er niet zo gek veel 127s meer over. Er is sinds 2005 trouwens wel een club voor liefhebbers van dit model in Nederland.
De Fiat barchetta is een kleine roadster van Fiat op basis van de Punto. Hij werd gebouwd van 1995 tot 2005.
De Fiat barchetta kwam voor het eerst uit in het fel oranje. Origineel wel, maar het verkocht niet en al snel werd de kleuren fel blauw, zilver grijs, zwart en rood toegevoegd. De auto bleek het courantst in het blauw te zijn.
barchetta betekent bootje. Deze term komt uit de geschiedenis van tweezits sportwagens. Het uiterlijk van de barchetta is dan ook gebaseerd op klassieke tweezits spiders met soepel gevormde lijnen. Hij combineert dan ook de klassieke lijnen van de spiders uit het verleden met moderne details.
In 2001 heeft Fiat het uiterlijk van de barchetta enigszins aangepast. De meest in het oog springende wijziging betreft het toevoegen van een derde remlicht op de kofferbak.
Er zijn verschillende special edition versies uitgebracht. barchetta dient altijd met een kleine letter geschreven te worden. Het is dus barchetta en niet Barchetta. Spreek uit bar-ket-ta
Technische specificaties
Motor: 1.8 DOHC 16V VFD Cilinderinhoud: 1747 cc Maximaal vermogen: 96 kW/131 pk bij 6300 tpm Maximaal koppel: 164 Nm bij 4300 tpm Cilinders: 4 in lijn Kleppen/cilinder: 4 Brandstof: benzine Brandstofsysteem: multipoint injectie Topsnelheid: 200 km/u (fabrieksopgave) Ledig gewicht: 1060 kg 0-100 km/u: 8,7 sec
Twee jaren moest men het zonder Fiat 500 doen, maar toen kwam de Nuova, ofwel nieuwe, 500 als waardige opvolger. Ditmaal stond er een luchtgekoelde tweecilinder achterin de wagen in plaats van een watergekoelde vierpitter voorin. En weer was de auto groot genoeg voor vier Italianen. Tot 1965 had de wagen de portieren 'verkeerd', maar bij de 500 F vond men de scharnieren bij de voorspatborden. Het motorvermogen werd ook steeds opgevoerd. Zeer gezocht is de 500 Sport van 1958 met gesloten dak.
Aantal cilinders: 2 Cilinderinhoud in cm3: 479;499 en 594 Vermogen in pk bij toeren/minuut: 13/4000 tot 18/4500 Topsnelheid in km/uur: 90-105 Carrosserie/Chassis: zelfdragend Uitvoering: coach, stationcar Productie jaren: 1957-1975 Productie-aantallen: 3.427.648